Draag je watervoorraad op je rug


Draag je watervoorraad op je rug

Veel kilometers voor de boeg? Behalve een flinke dosis doorzettingsvermogen, een goede conditie en een paar stevige stapschoenen kun je een lange wandeling enkel tot een goed einde brengen met een aanzienlijke voorraad drinkwater. Op je rug in een Camelbak, bijvoorbeeld!

Zonder water haal je ‘t niet

Een stevige boswandeling met het hele gezin of een meerdaagse trektocht op iets uitdagender terrein: voldoende H2O in je rugzak is altijd een must. En zelfs voor kortere afstanden is een flinke watervoorraad geen overbodige luxe. Zonder de nodige liters water om je vochtgehalte op peil te houden, is de kans dat je zonder brokken je einddoel haalt immers bijzonder klein.

Altijd binnen mondbereik

Zit je net in een goed wandelritme, dan is het best vervelend je rugzak telkens te moeten neerzetten om je drinkfles te pakken. Net daarom valt het drinksysteem van Camelbak zo in de smaak, zowel bij wandelaars als bij fietsers. Klik het drinkslangetje vast op je schouderriem en je hebt steeds een frisse teug water binnen mondbereik! Met een waterzak van 1,5 l, 2 l of 3 l kom je bovendien veel langer toe dan met een doorsnee drinkfles.

5 slimme drinktips

  1. Water is de beste dorstlesser. Frisdrank, thee, koffie of alcohol beschouwt je lichaam als voedsel, waardoor het vocht minder snel in je bloed wordt opgenomen. Gevolg: minder energie en meer kans op krampen en oververhitting.

  2. Drink vooraleer je dorst krijgt. Zo vermijd je dat je uitgedroogd raakt. Als je pas naar je drinkslang grijpt wanneer je een droge mond hebt, kan het al te laat zijn.

  3. Drink regelmatig, maar met kleine slokjes tegelijk. Met een buik vol water is het niet zo comfortabel wandelen. Idealiter drink je ± 1/2 liter per uur, want je nieren kunnen geen grotere hoeveelheden tegelijk verwerken.

  4. Neem voldoende water mee. Of zoek op voorhand uit of je onderweg kunt ‘bijtanken’. Voor een dagtocht van 5 tot 8 uur is 2 liter water het absolute minimum, en doe daar in de zomer nog maar een litertje bij.

  5. Zorg ervoor dat je water niet té koud is. Tussen 10 en 15 °C is ideaal, dan wordt het sneller in je bloed opgenomen. IJskoud water vergt te veel energie van je lichaam en komt nogal hard aan voor je maag.