Hoe iemand reanimeren?

Ons bloed fungeert als transportmiddel voor de toevoer van zuurstof en de afvoer van CO2. Ons hart pompt het bloed door het hele lichaam heen. Als het hart stopt met pompen, krijgen belangrijke organen zoals de hersenen en longen geen zuurstof meer, waardoor ze afsterven. Reanimatie is dus eigenlijk het weer in leven brengen van een dode patiënt. In werkelijkheid komt maar 3% van de mensen die werden gereanimeerd, weer tot leven. Dit lijkt heel ontmoedigend, maar je weet nooit of jouw patiënt bij die 3% hoort.

Reanimeren is niet moeilijk. Toch is het verstandig een cursus reanimeren en beademen te volgen. Hieronder vind je de te volgen procedure:

  • Knijp in de monnikskapspier of knijp in de huid en praat tegen de patiënt om zijn reactie te peilen.
  • Geen reactie? Bel of laat iemand bellen voor medische hulp.
  • Controleer de ademhaling/hartslag. Geen ademhaling?
  • Draai de patiënt voorzichtig op zijn rug.
  • Trek handschoenen aan en plaats een beademingskapje.
  • Open de luchtwegen met de zogenoemde chinlift.
  • Geef twee volle ademteugen. Laat tussen elke ademteug vijf tellen zitten.
  • Controleer de hartslag. Geen hartslag?
  • Glijd met je handen langs de ribbenrand omhoog tot waar de ribben samenkomen. Vanaf daar ga je twee vingers omhoog. Hier plaats je een hand. Leg je andere hand erboven op.
  • Druk 15 keer in een rap tempo van 90 per minuut het borstbeen 3 tot 6 centimeter naar beneden. Dit kun je het best doen met gestrekte armen.
  • Geef daarna weer twee ademteugen.
  • Na een cyclus van vier keer controleer je opnieuw de hartslag. Is er geen hartslag, dan ga je door. Is er wel een hartslag, maar geen ademhaling: Beademen.
  • Wees niet bang om ribben te breken. Waarschijnlijk breek je er wel eentje, maar als je niets doet, is het zeker dat de patiënt het niet redt.

Ook al vermoed je dat de patiënt nek- of rugletsel heeft, als hij geen ademhaling en/of hartslag heeft, mag je de patiënt op de rug draaien om te beademen en reanimeren. Natuurlijk moet dit wel voorzichtig en met beleid gebeuren.